Column Marc Tangel: Kooymanscrush


<p>Marc&#39;s moeder met de door haar zo felbegeerde lp.</p>

Marc's moeder met de door haar zo felbegeerde lp.

(Foto: privéfoto M. Tangel)

Column Marc Tangel: Kooymanscrush

  Nieuwsflits

Hoewel het uiterlijk van mijn moeder in haar puberjaren meer weg had van Françoise Hardy dan Mariska Veres, was zij toch een onvervalst beatmeisje in de tweede helft van de jaren zestig. Een deel van deze voorliefde was wellicht te danken aan haar Haagse wortels, maar de belangrijkste aanleiding vormt toch zeker de verschijning van George Kooymans in de kolommen van de toenmalige tienertijdschriften. De debuutsingle ‘Please Go’ bracht al direct een koerswijziging. Niet langer spaarde zij haar zuurverdiende zakgeld op voor singletjes van Conny Froboess. Vanaf nu investeerde zij haar centjes in Haags goud.

Nu waren losse singles in die tijd nog wel betaalbaar, maar voor complete langspeelplaten moesten toch fondsen worden aangewend als feestdagtegoeden, rapportbeloningen en verjaardagsbijdragen. Zo reisde de lp ‘Winter Harvest’ in 1967 mee met de zak van Sinterklaas en schafte mijn moeder in juni 1968 als kersverse 15-jarige het album ‘Miracle Mirror’ aan van haar verjaardagsgeld. Dit was de eerste plaat van het viertal met Barry Hay in de gelederen, waarmee de muzikale koers langzaam verschoof van de typische Haagse beatdeuntjes naar meer psychedelisch getinte stukken. De verkoopster van het Gouden Grammofoon Huis aan de Goudsbloemlaan was dan ook hoogst verbaast dat mijn moeder deze langspeler wilde hebben. “Het is een vreselijke plaat” vertrouwde ze mijn moeder bij het afrekenen toe, die daarop ontstemd de winkel weer verliet.

Niet alleen het leven van mijn moeder werd na het debuut van de Golden Earrings op zijn kop gezet, ook voor mijn opa braken er andere tijden aan. De hegemonie in huis van zijn geliefde klassieke muziek werd ernstig aangetast en hij moest met lede ogen toezien hoe mijn moeder haar aandacht meer op bijzaken dan schoolwerk richtte. Toch kreeg hij een onverwachte troef in handen geworpen toen de Earring in 1969 besloot de toepasselijk getitelde dubbelelpee ‘On The Double’ uit te brengen. Een begerenswaardige geluidsdrager die financieel buiten het bereik van mijn moeder lag. Mijn opa was ook niet in de stemming opnieuw voor Sinterklaas te spelen, maar een gunstig schoolrapport zou hem misschien wat milder stemmen. Een tactiek die werkte, want op de binnenhoes van haar lp staat, naast de aanschafdatum, met grote letters de tekst “Van Papa” te lezen.

Zette de Earring zijn psychedelische koers de eerste paar jaar nog voorzichtig uit, eind 1969 gingen ze los met de tot negentien minuten uitgesponnen Byrds cover ‘Eight Miles High’. Op een middag klonk deze compositie weer eens door de tienerkamer van mijn moeder, tot mijn opa naar de voordeur geroepen werd door het aanhoudend gerinkel van de huisbel. “Meneer Donker, zeg eens eerlijk: vindt u deze muziek nou zelf mooi?”, vroeg de bovenbuurman na opening van het voorportaal. “Ik niet”, antwoordde mijn opa naar eer en geweten, “maar mijn dochter kan het wel waarderen!”

Nu het stof van de eerste schokgolf om het nieuws rond George Kooymans is neergedaald, wordt het tijd onze Haagse branie aan te spreken en de agenda’s te trekken voor de eerste week van december: de Top 2000 stemweek. Laten we George een massale hommage brengen door zijn ‘Just A Little Bit Of Peace In My Heart’ naar de nummer 1 positie te stemmen. Het komt hem toe. En we zijn ook meteen van Danny Vera verlost…

Meer berichten