Foto:

Column Marc Tangel: Badkamerblues

“Laten we de boel maar meteen helemaal opnieuw betegelen. Anders is het geen gezicht”, sprak de oude aannemer kordaat tot zijn jongere collega, nadat er enkele gaten in de vloer en muur van onze badkamer waren geslagen, teneinde een sluimerende lekkage onder deze ruimte te verhelpen. 

Toegegeven: we waren lichtelijk voorbereid, want van minimaal één wand was de constructieve samenhang bij lange na niet meer zo stevig als de uitvoerend tegelzetter het rond de laatste eeuwwisseling bedacht moet hebben. Nee, deze datering is geen ruwe gok, maar afgeleid van datumstempels die we op bouwmaterialen onder de vloer tegenkwamen. Een weekje kamperen in eigen huis stond ons nu in het vooruitzicht. Tanden- en haarborstels verdwenen naar de keuken, de wasmachine en de droger werden opgestapeld in de slaapkamer en nadat het puin van de oude tegels was afgevoerd, veranderde de gang langzaam in de opslagplaats van een kleine handelsfirma voor het betere tegelwerk.

Terwijl de jonge klusjesman voortvarend in de weer was met het plakken van de zware stenen tegen onze muur, zat ik in alle rust een weekje vakantie uit te zitten. Deze samenloop van omstandigheden was meer toeval dan wijsheid, maar bleek achteraf een schot in de roos, want een badkamerloze week doet iets met de uiterlijke verschijning van een mens. “Maar je kan je toch gewoon wassen in de keuken? Dat was vroeger heel normaal!”, hoor ik u nu denken en laat me u gerust stellen: dát lukte ook wel. Het opfrissen van mijn haar in de gootsteen is echter een vaardigheid die ik mij de afgelopen zevenendertig jaar nog niet heb toegeëigend en een eventuele poging het alsnog te proberen, werd ernstig bemoeilijkt toen mijn vrouw halverwege de week opmerkte dat de er nog nauwelijks warm water uit de hiervoor bestemde kraan stroomde. Terwijl de Cv-ketel keurig zestig graden aangaf, wilde het water uit de kraan niet verder komen dan een schamele veertig. Het vooruitzicht op twee onderhoudsfirma’s in één smalle gang leek me echter zo onwerkbaar, dat ik vurig hoopte dat de ketel nog even zou doorpruttelen tot de badkamerman vertrokken was.

Ik dwaal echter af van mijn stelling dat een badkamerloze week iets doet met de uiterlijke verschijning van een mens. Niet alleen mijn haar werd vet en futloos na zeven aandachtsloze dagen, ook mijn scheerspullen lagen niet onder direct handbereik, zodat een vrije weg in onze huidige anderhalvemetersamenleving aan het eind van deze periode een vanzelfsprekendheid voor mij werd. Zelfs de meest fanatieke Corona ontkenners gingen in de supermarkt met een grote boog om mij heen.

“Nog één nachtje alles laten drogen en dan kan je morgenavond weer douchen”, sprak de aannemer op de zevende dag. Het klonk als muziek in onze oren. Zelfs de ketel leek er hernieuwde energie van te krijgen, want direct nadat een nieuwe douchekraan was opgehangen en de wastafel werd teruggeplaatst op zijn vertrouwde plek, stroomde er weer gloeiend heet water uit onze kranen. Bijzonder intrigerend en als een loodgieter met verstand van zaken deze noot voor mij weet te kraken, meldt u zich gerust bij de redactie.

Zesendertig uur na het vertrek van de klusjesman verscheen ik verkwikt en geschoren weer op de werkvloer, maar innerlijk ben ik na deze dagen toe aan een weekje vakantie...

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden