Bestemming Den Haag (197): ‘Stukje bojo of broodje bakkeljauw'


<p class="Fotobijschrift" pstyle="Fotobijschrift">Annette Callender vindt dat ze goed is opgevangen door de kerk van de EBG in haar begintijd in Den Haag (Foto: Peter van Zetten).&nbsp;</p>

Annette Callender vindt dat ze goed is opgevangen door de kerk van de EBG in haar begintijd in Den Haag (Foto: Peter van Zetten). 

Bestemming Den Haag

Bestemming Den Haag (197): ‘Stukje bojo of broodje bakkeljauw'

Elke week vraagt Stuart Kensenhuis aan bezoekers van Den Haag wat zij van onze stad vinden. Deze week: Annette Callender uit Delft.

Den Haag – “Ik reisde in de winter van 1966 vanuit Suriname naar Den Haag om voor mijn hoofdakte te studeren. Dat heb ik uiteindelijk afgerond. Maar eerst betrok ik een zolderkamer in de Papestraat. Dat was geregeld door mijn broer Frank, die militair was in Arnhem maar in de weekenden ook een kamertje huurde in het Haagse. Handschoenen of panty’s had ik nog niet. Dus ik had het erg koud.”

Maison de Bonneterie

“De dag na mijn aankomst nam mijn broer me mee naar Maison de Bonneterie. ‘Gaat u zitten’, zei een dame toen we vertelden dat we winterkleding kwamen kopen. ‘Wat wilt u drinken?’ Ik wist niet wat me overkwam. Zoveel service had ik nog nooit meegemaakt. Later liet ze kleding en handschoenen aan ons zien en ik schrok van de prijzen. De handschoenen waren bijna 100 guldens (ongeveer 45 euro, red.). Ik zei tegen mijn broer: ‘Wat gebeurt hier? Zoveel geld heb ik niet.’ Blijkbaar had hij geen idee dat hij me had meegenomen naar een duur warenhuis. Maar gelukkig ontdekte ik later de Hema.”

“In mijn beleving leken alle huizen in Den Haag op elkaar. Ik ben dan ook een paar keer verdwaald in die begintijd. Over het algemeen waren de dingen verder goed geregeld maar ik vond het vreemd dat in de huizen bijna nooit een badkamer was. Je kon wel naar een badhuis waar je maximaal tien minuten kon douchen.”

“Een leuke plek om naar toe te gaan was de kerk van de Evangelische Broeder Gemeente (EBG). Voor de diensten huurden ze een ruimte in het Bronovo Ziekenhuis. Nu verdiep ik me meer in zijn algemeenheid in spiritualiteit dus ik zou er niet zo snel naar toe gaan, maar toen was het voor mij een ontmoetingsplek van Surinamers. Na afloop kon je een stukje bojo of een broodje bakkeljauw kopen. Ook oefenden we met het koor liedjes die we in Suriname ook zongen. Zo waande ik me een beetje terug in de tropen. Die kerk heeft me echt goed opgevangen. Dat was belangrijk voor me want ik was eigenlijk alleen in Den Haag - mijn broer zat voor zijn militaire werk vooral in Arnhem - en ik had het niet altijd makkelijk.”

Tegenbezoek?

“Reis naar de historische binnenstad van Delft met bijvoorbeeld musea, kerken en het stadhuis. Mijn jongste zoon is er getrouwd.”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden